|
Iraakse premier brengt McCain in verlegenheid |
|
|
|
door Jim Lobe (Washington)
|
|
woensdag, 23 juli 2008 |
|
De verrassende steun van de Iraakse premier Nouri al-Maliki voor presidents- kandidaat Barack Obama's plan om de Amerikaanse troepen tegen 2010 terug te trekken, is een grote tegenslag voor zijn concurrent John McCain
De timing van Maliki – hij gaf zijn steun net voor het bezoek van Obama aan Irak – maakte het allemaal nog erger voor McCain. Zijn woordvoerders lieten aanvankelijk net als het Witte Huis weten dat de opmerkingen van de Iraakse premier “verkeerd begrepen en gebrekkig vertaald” waren. Maar al-Maliki wond er in zijn interview met het Duitse blad Der Spiegel geen doekjes om. Hij staat achter de oproep van Obama om alle Amerikaanse troepen zestien maanden na de verkiezingen terug te trekken. “Naar onze mening is dat de juiste kalender voor de terugtrekking, waarbij natuurlijk kleine veranderingen mogelijk zijn”, zei hij.
Cadeau
Maandag gaven zelfs de felste medestanders van McCain toe dat het commentaar van al-Maliki een harde slag was voor de Republikeinse kandidaat. McCain heeft van Irak immers het centrale thema van zijn verkiezingscampagne gemaakt en probeert zich het aura van een doorgewinterde buitenlandpoliticus aan te meten.
“Misschien had McCain wat minder moeten aandringen op een bezoek van Obama aan Irak”, sneerde Byron York, de Witte Huis-correspondent voor het conservatieve blad Review. Ook andere conservatieve media schreeuwen moord en brand over de campagnemeevaller voor Obama. “In de annalen van de kandidatengeluk is er moeilijk een beter voorbeeld te vinden dan het cadeau dat al-Maliki Obama heeft gegeven”, schrijft John Podhoretz van het neoconservatieve tijdschrift Commentary. “Obama kan er voortaan prat op gaan dat hij een positie inneemt die acceptabel is voor de legitieme regering van Irak. Daarmee heeft de bewering van McCain, dat Obama een nieuweling is die niet klaar is voor de presidentiële macht, veel geloofwaardigheid verloren.”
Oorlog tegen de terreur
De opmerkingen van al-Maliki zijn niet de eerste tegenvaller voor McCain in de strijd tussen de presidentskandidaten over de “oorlog tegen de terreur”. Obama en zijn adviseurs beschrijven Afghanistan al maanden consequent als het “centrale front in de strijd tegen de terreur”. Ze klagen dat president Bush – met enthousiaste steun van McCain – er stelselmatig middelen weghaalt om ze in Irak in te zetten.
McCain had tot vorige week nauwelijks oog voor de verslechterende situatie in Afghanistan. Hij lanceerde zijn eigen plan voor Afghanistan pas nadat Obama in een toespraak opriep om twee extra brigades naar het land te sturen en de niet-militaire steun aan Pakistan te verdrievoudigen. McCains plan nam bovendien heel wat elementen van zijn democratische rivaal over.
Geen permanente bezetting
McCain lijkt vooral voeling verloren te hebben met de ontwikkelingen binnen de Iraakse regering. De regering is de laatste maanden steeds minder happig geworden op een akkoord op lange termijn rond de aanwezigheid van Amerikaanse troepen in het land. McCain bleef erop hameren dat een aanwezigheid op lange termijn, die een succes bleek in Zuid-Korea, ook Irak goed zou zijn. Maar zelfs de regering-Bush begint intussen te beseffen dat zo’n permanente aanwezigheid nagenoeg onaanvaardbaar is geworden voor de Iraakse politici.
Dat werd vrijdag nog eens duidelijk toen Bush eindelijk akkoord ging met een “general time horizon” voor de vermindering van de Amerikaanse troepen in het land. Het Obama-kamp juichte die beslissing toe als “een stap in de goede richting”, terwijl McCain waarschuwde dat “kunstmatige deadlines rampzalig zouden kunnen blijken.” (IPS)
Dossier(s):
Irak
Verenigde Staten
Verkiezingen VS
|