Geen bloemen maar daden Afdrukken E-mail
door Janneke Schuurman   
Monday, 3 March 2008

iconenen3.jpgKomt kunst in tijden van vrijheid tot zijn recht en wat is de maatschappelijke betekenis ervan? In Groningen debatteerden onder anderen kunstenaar Jonas Staal, filmmaker Eddy Terstall en schilder Diederik Kraaijpoel over die vragen.

   - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -  

In de jaren zeventig was kunst sterk gepolitiseerd. Het cultureel studentencentrum Usva dat het debat Geen bloemen maar daden organiseerde, werd niet toevallig in die tijd opgericht om studenten door middel van kunst en cultuur maatschappelijk bewust te maken. Maar moet kunst wel geëngageerd en kritisch zijn, of moet zij troost bieden? Of moet kunst juist helemaal niets?

De Rotterdamse kunstenaar Jonas Staal probeert met zijn kunst het debat over de openbare ruimte aan te scherpen. Onlangs moest hij zich voor de rechter verantwoorden voor de ‘Geert Wilders Werken’, bermmonumenten met waxinelichtjes, bloemen en knuffelbeesten waarin Wilders figureerde. Het Openbaar Ministerie zag in de kunst een directe bedreiging aan het adres van de politicus. Staal duidde zijn kunst vrijdagavond als een proces: “Het gaat niet alleen om het beeld, maar om wat de reacties op het beeld zijn. Het exposeren is niet het einde, het proces begint pas als er op wordt geanticipeerd.”

Kunst geeft individuen een wapen in handen om de wereld om hen heen te ontleden. Voor Staal betekent dat een strijd tegen het "monsterverbond" van media, politiek en niet-gouvernementele organisaties (ngo’s), die ons beeld van de werkelijkheid bepalen. “Zolang we de taal van die gevestigde orde handhaven, geven we haar legitimatie en is het onmogelijk te anticiperen.”

Volgens Staal gaat er niet om hoeveel mensen een bewustzijnsverandering hebben doorgemaakt als gevolg van kunst, het gaat erom dat de diejonasstaal_5.jpg kunst gemaakt is. “Het stompzinnige ideaal van eeuwigheidswaarde is de achilleshiel van de beeldende kunst. Het gaat erom in het hier en nu iets te duiden, niet om de vraag wat iets over dertig jaar betekent. Als kunstenaar heb je het recht iets voor drie mensen te maken.”

Architectuur

Schilder Diederik Kraaijpoel relativeerde het betoog van Staal. Kraaijpoel zag schilderkunst, zijn metier, niet als geschikt medium voor engagement. “Mijn bereik is te klein. Als kunst een maatschappelijke werking moet hebben, moet je ook een publiek bereiken. Een schilderij maak je voor een paar mensen en als je het tentoonstelt voor een paar duizend mensen.” Kunst heeft volgens hem een heel andere functie: even loskomen van je dagelijks beslommeringen. “Het is een escape. Maar er zijn mensen die vinden dat je je dag en nacht moet blíjven beslommeren. Het streven naar geëngageerde kunst is waardevol. Maar of het werkt?”

Voor architectuur wilde hij een uitzondering maken. Vroegere kerken en paleizen zijn symbolen van macht, niet voor 3 procent van de bevolking, maar voor iedereen. De kerken zijn nu vervangen door bijvoorbeeld het Chrysler Building in New York, zei hij. “Maar je kunt bouwkunst ook gebruiken voor volkswoningbouw, zodanig dat mensen zich er goed bij voelen. Het gezellige pleintje komt weer terug in sommige gemeenten. Dat is een vorm van kunst en als mensen zich daar prettig bij voelen, plant die zich voort: andere gemeenten volgen. Dat is kunst voor miljoenen.”

De enige kunst die volgens hem daadwerkelijk iets in beweging heeft gezet, was het boek Uncle Tom’s Cabin (De Negerhut van Oom Tom) uit 1852. “In 1865 werd de slavernij afgeschaft. De historici zijn het erover eens dat dat voor een belangrijk deel aan dat boek te danken is.”

Hans van Maanen, hoogleraar Kunst en Maatschappij aan de Rijksuniversiteit Groningen, maakte een onderscheid tussen geëngageerde kunst en geëngageerde kunstenaars. “Die laatsten interesseren mij niet zoveel. Ik ken veel geëngageerde mensen, maar ik zie het engagement niet terug in hun kunst.” Hij pleitte voor een beperkte definitie van geëngageerde kunst, namelijk kunst die zich bemoeit met een maatschappelijk debat. “De wet van het getal is niet het enige. Het gaat er niet om dat kunst de wereld verandert, maar dat zij een plaats inneemt.”

Post-hippiemaatschappij


Engagement in de film komt in Nederland niet zoveel voor, zei Eddy Terstall, filmregisseur van onder meer Transit, Sextet en Simon. “Als ik dat uitleg, wordt het al snel een technisch verhaal over financieringsstructuren. In landen als Denemarken en Frankrijk word je als filmmaker geacht iets van de cultuur te laten zien. Hier wordt het maken van films als een technisch beroep gezien."

Volgens Terstall is er alle reden om in Nederland films te maken die de tijdgeest weerspiegelen. “Nederland is een land waar een reactionair, conservatief gedachtegoed dat van elders komt, botst op een soort post-hippiemaatschappij. Dat moet iets interessants opleveren.” In Terstalls films worden onder meer thema’s als homoseksualiteit, euthanasie en drugsbeleid aangeboord. Engagement van kunstenaars is in andere delen van de wereld vaak veel groter, merkte Terstall. “De vragen die je in Montenegro en Marokko krijgt, gaan toch wel iets dieper dan de vragen die je hier krijgt. Wij zijn van een generatie die nooit voor vrijheid heeft moeten vechten, we beseffen niet wat er op het spel staat.”

Troost

De Groningse striptekenares Barbara Stok, die strips maakt voor het Dagblad van het Noorden en nrc.next, presenteerde een beeldcolumn. Een bezoekster van het debat liet weten in de strips troost te vinden. Ze zei een hekel te hebben aan het lezen van de krant, maar het lezen van humoristische en relativerende strips van Barbara Stok en ook Kamagurka in NRC, “maakt het leven iets lichter.”

Het debat was de afsluiting van de Usva foto-expositie Tegencultuur in Groningen - 70ties/80ties en de opmaat voor het vervolg daarop: Cultureel engagement anno nu. (News4all)

* * * 

Foto's: Iconen 2002 - 2006 / Jonas Staal 

Gerelateerd:
De kunst van Geert Wilders  

creative_commons.png

 

 

 

Dossier(s): Kunst 

 
< Vorige   Volgende >