| Ontwikkelingssamenwerking als business |
|
|
| door Agnes Krijnen | |
| woensdag, 20 februari 2008 | |
|
Chakana is een ontwikkelingsorganisatie die zich bezighoudt met het verbeteren van de overlevingsmethoden van de Boliviaanse hooglandindianen. Hilvert Timmer, directeur van Chakana, heeft zijn stichting groot gemaakt door te geloven in efficiëntie. Naast culturele antropologie, studeerde Timmer ook commerciële economie. Die kennis komt hem maar al te goed van pas.
''Om te slagen als vrijwilligersorganisatie moet je heel efficiënt te werk gaan. Als wij fondsen werven, moeten we net als een willekeurig bedrijf, een product aan de man brengen. Wij hebben met dezelfde vragen te maken als ondernemers, zoals 'Wie is mijn doelgroep?' en 'Hoe worden wij een aantrekkelijk product waar mensen graag in investeren?' Het is heel verstandig om hier in bedrijfskundige termen over te spreken.'' Hulporganisaties in de weg Cees van Rij is relatiebeheerder bij Agriterra. In die functie ondersteunt hij boerenorganisaties in de derde wereld bij het verbeteren van hun organisatie. Indirect speelt Agriterra zo een rol in het verbeteren van de leefomstandigheden van de boeren. Van Rij is begonnen aan een master in Business Administration. In zijn ogen is handel de generator van ontwikkeling en lopen hulporganisaties vaak alleen maar in de weg. ''Het betrekken van burgers bij ontwikkeling in de derde wereld is heel mooi, maar ik denk niet dat hulporganisaties de ontwikkeling op gang helpen. Stimuleren van ondernemerschap, dat is belangrijk voor ontwikkeling. Met het geven van geld sta je handel zelfs in de weg, omdat het eigen initiatief van de mensen onderbelicht blijft. Tegen marktontwikkeling kan geen enkele vorm van ontwikkelingshulp op.'' Mvo In het plaatje dat Van Rij heeft over de toekomst van de ontwikkelingssamenwerking, komen geen hulporganisaties meer voor. ''Bedrijven nemen de taak van hulporganisaties over. Westerse consumenten eisen van een bedrijf dat het investeert in de arbeidsomstandigheden in het gebied van herkomst. Maatschappelijk verantwoord ondernemen was lange tijd alleen maar 'window dressing', het werd alleen gedaan voor het imago van het bedrijf. Nu zien we dat het steeds meer een kerntaak is om verantwoord om te gaan met de toeleveranciers.'' Inhoudelijke kennis Alleen bij noodhulp ziet Van Rij nog een rol weggelegd voor hulporganisaties. “Je kunt mensen niet aan hun lot overlaten na bijvoorbeeld een tsunami. Maar dat heeft weinig met ontwikkeling te maken.'' Timmer is het oneens met Van Rij: ''Het is nogal een ridicule gedachte dat bedrijven de taak van hulporganisaties over gaan nemen. Ik geloof er absoluut niet in. De sector van ontwikkelingssamenwerking is heel specifiek, daar zit heel veel inhoudelijke kennis. Bedrijven doen hooguit wat goeds om een wit voetje te halen bij de consument, maar behalve goodwill, valt er niets te verdienen voor ze. Goodwill is niet genoeg.'' Geld verdienen Dat er wel degelijk geld te verdienen is met ontwikkelingshulp, bewijzen Jacco Brink en Joachim Westerveld. Beiden werkten jarenlang voor verschillende hulporganisaties in Afrika en Oost-Europa. Zij begonnen vier jaar geleden met The Blue Link, hun eigen onderneming. Hun doel: geld verdienen met ontwikkelingshulp. Brink: ''Wij willen efficiënter en effectiever te werk gaan in de sector van de ontwikkelingssamenwerking. Hoe kan dat nou beter dan met een eigen onderneming. Aangezien ons eigen geld erin zit en ons pensioen ervan afhangt, zijn we gemotiveerder dan welke gesubsidieerde hulporganisatie dan ook en werken we efficiënt.'' Kapitaalmarkt Kenia The Blue Link heeft inmiddels twee grote projecten lopen. Voor ondernemers in Kenia zoeken ze investeerders uit Nederland. Brink: ''Er is een grote groep jonge goed opgeleide Kenianen die hun eigen onderneming beginnen en willen uitbreiden. Zij dragen enorm bij aan economische groei. Er is in Kenia alleen een groot probleem met het krijgen van kredieten voor ondernemers. Er is microkrediet en institutioneel kapitaal, van het IMF en de Wereldbank, maar niets daar tussenin. Daarom besloten wij een fonds op te zetten, het TBL Mirrorfund. Dat wij de risico’s lopen die een gebied als Kenia met zich meebrengt, is het ontwikkelingsdeel. Met onze expertise kunnen we dat doen. Veel financiers wagen zich er niet aan. Door dit fonds wordt de economische ontwikkeling enorm vooruit geholpen en wij doen ons best om er voor onszelf en de investeerders zoveel mogelijk geld mee te verdienen.'' Kunstmatige inseminatie Naast Kenia, heeft The Blue Link ook een project in een ander risicovol gebied waar anderen niet durven te investeren, Pakistan. Dit land kent een van de grootste veestapels in de wereld, maar de melkproductie is relatief erg laag. Brink: ''Nestlé heeft een fabriek in Pakistan en wilde de melkproductie verhogen door middel van kunstmatige inseminatie. Het bedrijf wilde de boeren laten fokken op betere melkproductie.'' The Blue Link nam de opdracht aan en vond de Nederlandse onderneming Coöperatie Rundveeverbetering Delta (CR Delta), specialist op dit gebied, bereid te investeren in het gebied. Inmiddels zijn er in dit samenwerkingsverband zes KI-stations neergezet, zijn er nog 24 gepland en wil The Blue Link het project uitbreiden naar India. Brink: ''Zowel de boeren, Nestlé, CR Delta en wij verdienen hier uiteindelijk aan. Als dat geen ontwikkeling is.'' Businessmodel Toch gelooft ook Brink niet dat hulporganisaties in de toekomst overbodig zullen worden. ''Hulporganisaties zullen altijd nodig blijven. Ontwikkelingssamenwerking is een ongelooflijk breed moerasbegrip. Zodra een project een zakelijke insteek heeft, heb je geen hulporganisatie nodig, maar voor thema’s als democratisering en vredesopbouw bestaat geen businessmodel. Ook in Nederland hebben we hulporganisaties, terwijl we niet bepaald in een onderontwikkeld land wonen.'' Timmer blijft kritisch tegenover het concept van bedrijven die verdienen aan ontwikkelingshulp. ''Er lijkt dus geld te verdienen te zijn door bedrijven, door zich als economische partners te verbinden aan opkomende economische spelers aldaar. Dat kan de economie inderdaad stimuleren, net als bij het concept van fair trade het geval is. Blue Link spreekt echter niet over de sociaal-culturele gevolgen van deze economische ondersteuning. En dat is wel nodig als je een duurzame samenleving wilt opbouwen. Ik vraag me af of een bedrijf als Blue Link rekening houdt met een evenwichtige verdeling van economische ontwikkeling.'' (News4all)
Dossier(s): MVO Ontwikkeling |
| < Vorige | Volgende > |
|---|






Hulporganisaties tonen steeds meer interesse voor de zakelijke kant van het vak. Het 'geitenwollensok- kenimago' wordt verbannen en efficiëntie en effectiviteit zijn de nieuwe sleutelwoorden.