|

Het was deze week op een winderige namiddag dat ik besloot mijn nieuwsgierig- heid te volgen. Ik had gehoord van een kluizenaar, een heremiet in het Groninger land. De oude hervormde kerk van Warfhuizen zou zijn omgebouwd tot een Roomse aanbiddingskerk met een kluis voor de heremiet.
Daar zou broeder Hugo huizen, eenzaam dagelijks zijn getijden biddend en zingend. Ik wilde daar meer van weten. Ik wilde broeder Hugo ontmoeten. Dus haastte ik mij door het barre weer om op tijd te zijn voor de vespers van vijf uur. Drie minuten voor vijf liep ik wat bedremmeld het stille kerkje binnen en ging zitten op een van de weinige kerkbanken. Ik wachtte af wat er gebeuren zou.
De deuren van het kerkje staan open waardoor het er ook binnen koud is. Ik kruip diep in mijn jas. Nu en dan gaat er een vlaag wind door de kerk die de kaarsen doet flakkeren. Ik heb een andere wereld betreden. Een levensgroot Mariabeeld, een crucifix en nog vele andere beelden en relikwieën in een moeilijk te doorgronden maar klaarblijkelijk goedgekozen samenstelling. Overal kandelaars, kaarsen, olielampen. Een sfeer van heiligheid en geheimzinnigheid, een mix van overdaad en toch ook rust. Een groot ijzeren hek scheidt de gasten van wat er tussen deze beelden en kaarsen dagelijks gebeurt: de getijden. Aan mijn kant van het hek alleen nog een kaarsenrek, een bloemenemmer, een intentieboek, een Mariabeeld en de oude hervormde kansel. En natuurlijk de paar oude kerkbanken met deurtjes waarin ik een plaatsje heb gevonden.
Als het vijf uur is hoor ik een klok luiden. Dan blijft het weer stil. Even later hoor ik geschuifel van achter de beelden en dan komt broeder Hugo naar het hek. Een jonge dertiger met een modieuze bril in een lange zwarte pij. Over zijn pij draagt hij een zwart schort. Hij opent het hek en loopt naar mij toe. ´Komt u voor de vespers?’ fluistert hij mij toe. Ik knik. Dan legt hij mij uit dat hij die vandaag niet kan zingen omdat hij last heeft van zijn keel. ‘Ik zing zes en een half uur per dag, ziet u, dan moet ik wat zuinig zijn op mijn stem.’ Ik begrijp het. Voorzichtig en fluisterend stel ik hem een vraag, hopend dat hij even de tijd neemt voor mij. Een uur later ben ik het zelf die moet zeggen dat mijn tijd op is, dat ik nog een afspraak heb, dat ik graag nog eens terugkom.
Terwijl ik met broeder Hugo praat tuimel ik door een onmetelijke ruimte van een wereld die ik niet ken. Hij vertelt over de oude Latijnse liturgie, over de pelgrims die komen, de processies die er ontstaan, over de Psalmen die hij elke week allemaal zingt. Hij vertelt me over zijn leven, over zijn roeping, over de vreemde, unieke keuze die hij maakte. Broeder Hugo is de enige kluizenaar in Nederland. Het lijkt onbestaanbaar in een modern, helverlicht, efficiënt, nuttig en aangeharkt Nederland, dat er een jonge monnik zijn hele leven besteedt aan zingen en bidden in een donker en geheimzinnig kerkje op het Groninger platteland.
Als ik hem vraag of hij het niet erg vindt dat het zo zeldzaam is, dat er bijna geen kloosters en heremietenkluizen zijn, antwoordt hij schouderophalend: ‘Ach, dat is nu even zo. Er komen ook wel weer andere tijden. Dat is altijd zo geweest.’ Dit is een man die de eeuwen overziet en staat in een kerk die de tijd heeft. En dan vertelt hij weer over de rijkdom van een liturgie die al eeuwen oud is. Ik voel me plotseling ongelofelijk protestant: leeg, kaal, klein. Wat wij erfden van de Reformatie zijn we kwijtgeraakt en wat de Reformatie ons ontnam kunnen we niet meer vinden. Wij zijn zoekers geworden en in liturgisch opzicht klunzen en knutselaars.
Als ik opsta uit mijn bank blijk ik een kop groter te zijn dan broeder Hugo. Toch voel ik me heel klein als ik zijn kerkje verlaat. We zegenen elkaar en zeggen elkaar weer te willen ontmoeten.
* * *
P.S. Broeder Hugo heeft een weblog en een website waar informatie is te vinden over zijn orde, zijn roeping en over de officie. Ook op Wikipedia staat een uitgebreid artikel over de Kluis van Onze lieve Vrouwe van de besloten tuin, zoals de kluis van broeder Hugo heet.
Boele P. Ytsma is pastor in de Gereformeerde Kerk van Siddeburen. Bekijk hier zijn weblog.
|